Sinterman versus Kerstman

En de Kerstman is hier zwaar aan het winnen (tot grote ergernis van mezelf). Die twee zonen van mij zijn van (overduidelijke) mening dat Sint en Piet maar beter vlug kunnen langskomen zodat we dan eindelijk die kerstboom kunnen zetten. Lichtjes en andere flikkerende, pling-plingende en stralende dingen lijken hen op dit moment zowaar interessanter dan een berg nieuw (en uiteraard heel educatief verantwoord) speelgoed.

In een poging om de zonen wat meer te enthousiasmeren voor dat hele Sint-gebeuren, werden gisterenavond de lichten van het terras aangelegd zodat de Sint ons huis goed zou kunnen zien. Wie weet kwam hij al langs om te kijken of al die kinderkens braaf en zoet waren… ’t Was misschien ook wel het moment om naast het concept ‘schoentje zetten, wat ze al langer kennen, de activiteit ‘snoepen gooien’ te introduceren.

Zo gedacht, zo gedaan. Helemaal spontaan, niets van moeten vlogen de zonen in de zetel, gesjellig naast papa, om daar met z’n allen sinterklaasliedjes te zingen. Heel luid, dat die zwarte pieten dat goed konden horen. En jawel, plots kwam daar, als uit het niets, een hele resem onzelievevrouwkes (of mariatjes) ter onzer living neergedaald.

Reactie van de moeder: niets op het moment zelf, ik zat op het toilet, weetwel? Daarna heel verbaasd de living binnengekomen, mijn verbaasde gezicht getrokken en half hysterisch enthousiast beginnen doen en veel van ‘danku sint en piet’ geroepen en nog een liedje gezongen, en geluisterd hoe dat nu allemaal zo gekomen was.

Reactie van de oudste zoon: “En so, plots hé, kwamen er hier snoepen. En swarte piet heeft met die snoepen gesmeetn. Maar ik ben daar wel van geschr… euh… versch… euh… verschrokken hé. En nu sit swarte piet nog in de tuin. In de struiken, kijk kijk! ‘k Sie em sitten! Eeij, swarte Piet! Je moet naar Amélie (zijn lief op school) gaan ook hé, ga maar weg, naar andere kindjes, kom! En Sinterklaas heeft met snoepen gesmeetn hé, en swarte piet ook …” (en zo nog 10 keer ’t zelfde verhaal na elkaar).

Reactie van de jongste zoon: Vloog uit de zetel, richting snoepen op de grond. Smikkelde, smulde, smekte alsof zijn leven ervan af hing, zei niet veel. At wel des te meer.

Over die kerstboom hebben ze gezwegen voor de rest van de avond 🙂

Mijn zoon, zooo niet-cool

Omdat ik elders had gelezen dat een driejarige wel de notie van het woord ‘cool’ kan snappen besloot ik het ook eens uit te testen mij mijn eigen driejarige.

-M: Benne, ben jij cool?

-B: Ma nee, mama, ik ben nieeeeet koewl.

-M: Jamaar, Benne, zou jij dan niet heel graag cool willen zijn?

-B: Nee mama, ség, ik wil nie koewl zijn hé. Ik wil gewoon Benne zijn.

Ik heb hem dan maar zijn schaakspel en zijn bril teruggegeven.

Een gratis Dyson! Voor u!

Ik heb al mijn Dyson, nu gij nog!

Omdat er hier al een ferm leuke Dyson staat, mogen wij niet meer uittesten en geen cadeautjes meer ontvangen *snif*.

Maar er zijn wel nog zo’n 20 toestellen te testen (en te houden?)! Wie er één wil, kan mailen naar caroline.dewolf@dyson.com en steek daar vooral uw enthousiasme voor de nieuwste stofzuiger (en mij) niet onder stoelen of banken.

Uitleg over het nieuwste speleding:

DC 26 is de kleinste stofzuigers die Dyson ooit maakte! Hij is licht, even groot als een A4 papier maar toch super krachtig.De DC26 werd op de markt gebracht omdat er vraag was van consumenten naar een stofzuiger om op de verdieping te laten staan.Ook wie niet zo groot woont, was op zoek naar ‘een Dyson’ die niet veel plaats inneemt, maar toch krachtig is.

DC26 is het antwoord geworden.

Ik heb deze keer gekozen voor andere blogs (kwestie van jullie niet met Dysons te overladen J). Ik heb hier op kantoor nog zo’n 20-tal toestellen staan voor lezers van jullie blogs. Gewone consumenten die graag ook eens een Dyson thuis uitproberen. Het enige dat zij moeten doen is er ons een mailtje, over sturen. Zo weten we natuurlijk wel wat ze er van denken…Denken jullie dat jullie over onze ‘oproep’ misschien iets op jullie blog kunnen posten?

Graag gedaan.

Een dochter (niet voor mij, bleh)

Namen voor zonen had ik hier al eens vermeld. Namen voor dochters zijn bij ons nog nooit ter discussie gekomen omdat we telkens al relatief vroeg wisten of ’t een ventje of een vrouwtje zou zijn (leve de vlokkentest, ahum).

We zijn het er (nu) redelijk over eens dat als er hier ooit ten huize nog eens een ongelukje gebeurt, en dat ongelukje na de zoveelste echo ook vrouwelijk blijkt te zijn, het kind de naam Janne zou meekrijgen. Een naam die ik al jaren graag hoor en die verwijst naar mijn grootmoeder Jeanne. Maar eigenlijk is Janne tweede keus. De naam Stiene (naar mijn moeder Christine) hoor ik liever, maar daar is de wederhelft minder voor te vinden, u moet hem maar eens vragen waarom.

Des te blijer ben ik dus te horen dat er sinds vandaag een kleine Stiene (Stieneke of Stientje) meer op de wereld mag rondfladderen. Proficiat aan Joke, Steven en grote zus Lente!!!!

als het regent op zondagnamiddag…

dan durven wij hier nogal eens van neurootje spelen. Eén peuter in bed, één kleuter aan het puzzelen, dus vandaag moest de inhoud van twee kasten eraan geloven: de kast met (pap)flessen en medicijnen en een tweede kast met vanalles en ook nog medicijnen. De medicijnen waren dus het probleem-van-de-dag. Een mens zou versteld staan wat hij in drie jaar kan verzamelen van medicijnen. Omdat de man des huizes ook bezig was met een dutje mocht ik mijn sorteerwoede ongegeneerd laten toeslaan zonder te moeten vrezen voor meewarig getsssk of hoofdgeschud. De sessie verliep als volgt: als een halve gekkin alle medicijnen uit de kast gooien, vervolgens sorteren volgens ‘verlopen’ of ‘niet verlopen’. Daarna de niet verlopen medicijnen categoriseren in ‘zal nog wel binnen het jaar moeten gebruikt worden wegens frequent voorkomende aandoening in dit gezin’ en ‘weg te gooien wegens één keer gehad en hopelijk nooit meer’. Derde stap van de indeling: sorteren volgens: ‘voor de kindjes’ en ‘niet voor de kindjes’ en ‘voor allemaal’. Omdat de hoop ‘voor de kindjes’ nog altijd niet in één doos paste, maar een nieuwe classificatie verzonnen: ‘voor de kindjes: heel frequent nodig’ en ‘voor de kindjes: niet zo frequent nodig’. Resultaat: vier schoendozen met medicijnen, zalfjes, ontsmettingsdinges, verbandjes, plakkertjes.

En zo gelukkig dat ik mij nu voel als ik die kast opentrek, zeg. Heerlijk als een neuroot als mezelf haar behoeftes eens mag bevredigen…

na twee weken mottig zijn

Dan toch maar naar de eigen vertrouwde huisarts in mijn geboortestad geweest omdat niets van de dokter uit mijn woongehucht hielp. Met intussen onnoemelijk veel pijn aan de borstkas, helemaal rechts onder de arm en achter op de rug. Definitie van deze pijn: zelfs bij gewoon inademen voelt het alsof ze met een slijpschijf je ribben doorboren. Oh, en ik had nog een stuk of vijf andere pijnlijke dingen: een achterhoofd dat zowat uit zijn voegen lijkt te barsten, keelpijn, gezwollen klieren, oorpijn, …

Blijkt dat ik nog altijd heel zware sinusitis heb (voor minder dan medium gaan we hier niet), niet meteen de meest van toepassing zijnde medicatie had gekregen en dat dat ding dus bleef aanslepen. We gaan daar geen spel van maken.

Door het vele hoesten heb ik blijkbaar spierscheurtjes in de ademhalingsspieren opgelopen. Voor zoiets cools gaan we dus ook geen spel maken, ik vind dat nogal een geestige oorzaak van mijn ribbenpijn.

Ik moet veel rusten, zei meneer Doktoor. Ik heb maar van ja geknikt, ‘k moest nog naar ’t werk.

Ik mag een maand niet sporten, zo sprak meneer Doktoor. Ik heb geprobeerd om heel teleurgesteld te kijken en half in shock te zeggen: “Een maa-aand? Zo lang zeg? Goh…”, maar hij had het door dat ik daar geen enkel probleem mee zou hebben, met zo’n maand niet sporten. Een maand wél sporten daarentegen…

Ouderfeest – deel 2

Toen Benne deze morgen opstond was het eerste wat hij zei: “Mama heeft mij gezien hé, op ’t pomium hé, mama was daar hé!”

Gisteren kon hij er ook al niet over zwijgen, blijkbaar is hij er serieus van onder de indruk dat die anders altijd afwezige moeder (wat school betreft hé!) er gisteren ook eens bij was. Een mama op school, ’t gebeurt niet elke dag, toch niet in zijn wereld 🙂

Ouderfeest.

Ik ben bang dat als ik over hét ouderfeest van mijn favoriete school zal schrijven het allemaal niet meer zo speciaal zal lijken als het nu nog is in mijn hoofd. Maar ik moet er iets over zeggen opdat ik die geestige verwondering van vandaag niet vlug zou vergeten.

Zo’n ouderfeest, dat is iets wat komt na het grootouderfeest. Dat is op dinsdag voor wie diepe rimpels heeft en op donderdag voor wie die rimpels nog kan camoufleren.

Zo’n ouderfeest: dat is de helft van de tijd mezelf betrappen op een open mond, mezelf aanmanen om nu eens eindelijk deftig op die stoel te zitten, dat is de tijd vergeten, dat is genieten. Dat is anderhalf uur wervelende show, van eerste kleuterklas tot en met zesde leerjaar.

Dat is ook zoeken naar je oudste zoon, even ontgoocheld zijn omdat hij niet op de eerste rij staat, want je kan hem niet zo goed zien. Dus duw je maar je buurvrouw half van haar stoel zodat je je blik kan richten op hem. De danser, de zwaaier, de billenshaker, de meest stralende. Hij heeft me gezien (ik zat op de tweede rij, leve mezelf toen ik de woorden “slechts één plaatsje mevrouw, dat zal vooraan ook nog wel vrij zijn zeker?” uitsprak*), en dat moment, die blik tussen die oudste zoon en mezelf, en zijn breedste glimlach en zwaai die erop volgde: toen ontploften zowat alle vlinders die ik ooit in mijn buik moet hebben gehad.

Zo’n ouderfeest, dat doet wat met een mens, en het is erg dat kinderen zo’n seut van je kunnen maken dat je zowaar begint te bleiten omdat je kind ergens op de derde rij onhandig met zijn heupen staat te draaien. Nuja, die naast mij was ook aan het bleiten, en die achter mij ook. Dus ik mocht ook, voila.

De pluimen: een pluim voor al wie me vandaag heeft weten te ontroeren, te verwonderen, te laten zitten op ’t puntje van mijn stoel, te verbazen om zoveel inzet en samenwerking. En niet in het minst: een pluim voor die leerkrachten, en dat ze volgend jaar op het podium mogen komen zodat ze mijn staande ovatie in ontvangst kunnen nemen.

* De echtgenoot moest moest! moest!! werken. Whoehaaa, maar hij mag wel elke dag de zonen afzetten en ophalen. Hij moet niet zagen dus. Vandaag was ’t voor mij!

Zwarte Piet vs. Bumba

Benne leert een liedje op school, en als je dat dan thuis herhaalt zingt hij gretig mee. Danspasjes en billengeschud inclusief.

Fries leert een liedje bij de onthaalmoeder, en als je dat dan thuis herhaalt begint hij half hysterisch van ‘neej’, ‘neeh’, ‘neuuuh’, ‘nieee’ of ‘nèèèè’ te roepen. Terwijl meneer bij de onthaalmoeder zelf altijd als eerste in de rij staat om te dansen en om te zingen. Als het er dan eens van komt dat de muzikaliteit zelve eens een aria’tje wil zingen voor ons, gaat dat zo:

Moeder en vader samen: “Allez Friesje, zing  maar mee. Zwarte Piet, wiedewiedewiet, ‘k hoor je wel, maar ik zie je …?”

En dan gaat het bij Fries zo: *brede grijns* “wietwietwiet” *brede grijns* “Bumbaaaaah!”

schoenen voor 18 euro

Ik heb een nieuw paar lederen botjes: mooie bruine met koordjes en al. Lang naar gezocht: ik moet mijn kuiten daar inkrijgen en da’s niet zo evident voor wie mijn kuiten kent. Die laarzen heb ik voor de schandalige prijs van 18 euro. Nu ja, echt nieuw zijn ze niet meer, maar als je schoenen meer dan een jaar niet gedragen hebt dan voelt dat toch net als nieuwe schoenen als je ze weer aandoet?

Vorig jaar ergens bracht ik mijn botjes naar de schoenmaker met de vraag voor een nieuwe zool. Intussen winterde het vrolijk verder en ik vergat die schoenen en de schoenmaker. Tot ik deze week een ferm verfrommeld oranje briefje vond: bestelbon bij de schoenmaker. Hoofd in overdrive en maar nadenken wat in godsnaam nog bij die schoenmaker kon liggen: geen schoenen van mij alleszins, ik had al mijn botten, botjes, … Schoenen van de mannen des huizes? Nogal onnozel om schoenen van een één- en tweejarige binnen te doen en die dan een jaar daar te laten liggen. Schoenen van de grote man des huizes dan maar? Bij de schoenmaker was ik er dus redelijk stellig van overtuigd met een paar mannenschoenen naar buiten te wandelen. Viel dat even mee zeg: twee één paar bruine botten, de mijne! Zo voor 18 euro een nieuwe zool en voor mij: nieuwe botten!