Zelfkennis…

…is de bron van nachtelijke wijsheden. Vooral als het om Fries gaat. Als hij ’s nachts weer eens zijn kuren heeft gaat hij tegenwoordig zelf in de hoek zitten of staan. En dan kijkt hij boos. Of uitdagend, of zielig. Maar zelf zal hij niet uit zijn hoek komen, zo koppig is hij wel. Mochten wij er hem niet uithalen hij zou in zijn hoek in slaap vallen, kwaad op de hele wereld en iedereen die er nog maar iets mee te maken heeft. Kwaad, omdat hij ’s nachts is wakker geworden.

Bennes kerstrapport

Het kerstrapport van Benne, anders omschreven: een leuke babbel met zijn juf, zijn heldin, zijn tweede beste vriendin (na Amélietjeeeuh, natuurlijk). Wat we al vermoedden werd bevestigd: ’t kind kan totaal niet kleuren en tekenen. Niks nul noppes creativiteit op beeldend vlak. Hij doet het wel hoor: stop hem een potlood in zijn hand en hij trekt een paar lijnen, kriebelt er een beetje op los, bij voorkeur in het zwart. Depressieve kleurkleuter hebben wij hier.

Als meneer echter taakjes mag maken in de trant van ‘grootste boom’, ‘meeste appels’, … dan lukt het plots wel om te kleuren. Als hij snippertjes mag plakken gaat hij heel secuur te werk en kan hij wel de juiste kleur bij het juiste stuk fruit gaan plakken. ’t Moet juist zijn dan. Verschillen zoeken tussen twee plaatjes, knippen, plakken, rijmpjes en liedjes leren: allemaal geen probleem. Maar. Steek. Het. Kind. Geen. Potlood. In. Zijn. Handen.

Verder nog wat stoef over die blonde god? Hij is aangenaam, een leuk kindje om in de klas te hebben, is enthousiast, werkt goed mee, haalt soms wat kattenkwaad uit maar nooit heel erg, en ’t is vooral ‘ne lieven’. Ha! Juf Justine is bij deze ook mijn vriendin geworden 🙂

*einde van de mijn-kind-schoon-kind-show*

protjes

Benne: “Mamaaa, Jöörben is mijn beste friend hé”

ik: “Ja jongen, Jorben is een vriendje uit jouw klas, jij speelt graag met Jorben hé!”

B: Aja, maar Jöörben heeft protjes!

i: Oei? Heeft Jorben protjes gelaten in klas? Luide protjes?

B: Neen, hij heeft protjeeeeuuus!

i: Ja, protjes gelaten? Stinkende protjes?

B: Nee, protjes! Op sijn gesicht! Zo hier! *wijst naar zijn wangen en neus*

i: Aaah, sproetjes, mijn liefste zoon. Sproetjes.

B: Mamaaaa, wat sijn spoetjes?

… en zo waren we weer voor een half uur vertrokken.

’t is gebeurd

Kerst en mezelf, dat gaat niet zo goed. Een kerstboom en mezelf: dat is helemaal een ramp. Maar: er staat een boom in mijn huis, in mijn living dan nog wel. ’t Was van moetens, eigenlijk.

Na veel uitstelgedrag ging ik echt vanavond die boom wel zetten, plastiek ding* van de zolder halen en ballen en al samenzoeken en dan de decoratiestrijd beginnen: wie eindigt met het meest glinsters en kapotte kerstballen op de trui? Kerstboom of mezelf?

Op weg naar huis was ik -eerlijk toegeven- al excuses aan het zoeken waarom het vanavond echt niet zou lukken om die boom te installeren. Beetje moe van de afgelopen nacht (bal populaire van DJ DiscoFriesco), beetje moe van te werken, beetje was nog moeten opplooien, beetje rekeningen sorteren, beetje vanalles andere dingen doen dan een boom zetten dus.

Viel dat even tegen toen ik thuiskwam. Had die vent al niet even een boompje naar beneden gehaald? Stond die kerstversiering al niet op de kast, roepend, smekend om door mij hardhandig in die boom gegooid te worden? Ja dus. *spring spring spring van enthousiasme voor de kindjes hé*

Dus: hij staat er, hij hangt vol ballen en stokken en lichtjes en veertjes en sterren. Ik vind ‘m niet zo mooi dit jaar, maar ’t is ook niet met liefde gedaan. Eens vragen aan de mensen van de dichtsbijzijnde kerstbomenwinkel of ik ze volgend jaar niet kan inhuren om de allerschoonste Libelle- of Nestkerstboom te installeren. Planning is alles!

En om het helemaal af te maken keek die oudste zoon nogal meewarig naar onze nieuwe huisgenoot, dat het wel een klein (klein zoals in 1,80 meter) boompje was, zei hij. En dat hij al féééééél grooooootere booooomen had gezien. Verwend kind 🙂 Maar hij vond ‘m wel mooi, dat nog net.

*plastiek omdat we dus dachten dat dat milieuvriendelijker kon zijn. Blijkt dat dus ook weer wat tegen te vallen.

Benne ging eens zakjes tellen…

Eén, tuwee, drieeee, fier, fijf, ses, sefun, agt, negun, tien!

elffff, twaalfff, tertien, fijftien!!

achtniet, twintig!!!

En dat gebeurde zo heel spontaan, terwijl bij elke tel de mond van moeder hier meer openviel.

Mijn zoon! Twee Drie* jaar en vijf maanden, nog niet eens! Roep! Mensa!

Excuseer, ik ga een beetje verder huppelen, zo hard blinkend van trots dat zelfs de lelijkste puberneus er vaal bij lijkt *glunder glunder*

*en toch blijft het spectaculair!

Klimaatoffer(s) voor 2010

Geestig lijstje van hier. Om nog eens te overlopen wat we allemaal kunnen doen opdat mijn kleinkinderen de zee niet aan hun achterdeur zouden hebben. Ik overloop het eens:

Meer streekproducten eten – 2.250 kg

Probeer ik wel te doen. We hebben een tijdje een biopakket gehad van de bioboer, maar omdat we daar telkens een hele omweg voor moesten rijden bleek dat nu ook niet zo ecologisch te zijn. Bovendien raakten onze groenten de helft van de tijd niet op wegens dinsdag en vrijdag naar de grootouders gaan eten.

Een minuut minder lang douchen – 155 kg

Ik vind van mezelf dat die douches bijzonder kort zijn. Tien minuten, tussen instappen en afgedroogd zijn. Misschien eens elf, maximum. Ja, ik time zo’n dingen *schaamt zich daar totaal niet voor* Ik sta daar heus niet te lanterfanten, mijn nagels te lakken of een boekje te lezen. Het hoogstnoodzakelijke en altijd op een redelijke temperatuur. ’t Zou misschien nog wat kouder kunnen, dat wel. Een spaardouchekop zou ik wel moeten installeren, maar ik zie een beetje op tegen geboor en geklop. Bad? Eén keer in de drie maand of zo?

De auto wegdoen – 4.000 kg

Graag, maar als je buiten de stad woont gaat dat gewoon niet. Punt. Ik zou niets liever hebben dan met één auto rond te komen (ook al financieel), maar zoiets gaat gewoon niet.

Vegetariër worden – 1.780 kg

Ik ben al half vegetariër. Ik eet enkel kip en broodjes préparé en gehaktballetjes in tomatensaus. Mocht ik wat liever linzen en bonen en zo eten, dan was ik het al lang denk ik. Maar die bonen steken op den duur tegen, echt. Bovendien heb ik ook niet de discipline om voor mezelf een evenwichtig vegetarisch menu op te stellen, waardoor ik, de paar keren dat ik vegeatarisch at, na een week of twee flauwviel wegens te lage bloeddruk.

Overstappen op groene stroom – 1.800 kg

Check. ‘Aandeelhouder’ zijnde van Ecopower (verplicht als je daarnaar overstapt) en groen gas krijgende van Lampiris valt ons hier niets te verwijten. Zonnepanelen kunnen ook nog, maar daarvoor moet er eerst nog wat gespaard worden.

Energiezuinige apparaten kopen – 230 kg

Ik denk dat dat zo logisch is dat dit eigenlijk niet meer in zo’n lijstje hoeft.

Niet op vakantie naar New York – 820 kg

Wegens geen geld om naar New York op vakantie te gaan, is dit dus ook niet aan de orde. Voor ’t werk moet ik af en toe eens in de lucht hangen, dus ik hoop maar dat mijn werkgever zo ook eens een boompje wil planten.

Een ecologische rijstijl aanhouden – 1.250 kg

Ik kan daar gewoon al niet tegen, tegen zo’n auto die zwaar in het rood rijdt en njiiiiiiiiiii-gewijs door de straten scheurt. Ik rij soms/vaak te snel, dat wel. Maar altijd met gepaste versnelling 🙂

De thermostaat op 18,5°C zetten – 450 kg

Staat bij ons op 18. Ik doe liever een trui aan dan dat ik meer betaal voor verwarming. Ik ben een krent op dat vlak.

Gloeilampen vervangen door spaarlampen – 135 kg

Gebeurt.

Geen plastic zakken meer gebruiken – 45 kg

Gebruik ik niet om boodschappen te doen, maar wel in mijn keukenvuilnisbak. Ik zie het gewoon niet zitten om dat telkens uit te kuisen, zo’n zakske is veel gemakkelijker. Maar ik kom nog altijd rond met wat ik krijg in winkels en zo. Sorry.

Apparaten niet in stand-by laten staan – 365 kg

Daar wordt hier stevig op gelet. Verdeelstekkers uitschakelen of stekker uit stopcontacten trekken. Zelfs als de wasmachine een halve dag niet gebruikt wordt ligt die stekker eruit. Neurose zoveel.

Op een koudere temperatuur wassen – 225 kg

Als het kan op 30° of 40°. Maar kookwas doe ik nog altijd op 90°. Zo’n volgesnotterde vieze beestjeszakdoek moet deftig gewassen worden, lijkt me.

Een boom planten – 35 kg

Vier, zo’n drie en een half jaar geleden. Met de bedoeling daar een boomhut van te maken voor de zonen. En ze doen het goed.
En dan nog eens twee geboortebomen, ergens hier in ’t dorp.

De computer uitzetten – 495 kg

Elke avond op het werk. En elke keer thuis. Wat ik me wel afvraag: is het niet beter om de computer in slaapstand te zetten dan die systematisch (vb. drie keer per dag) op te starten en af te sluiten?

Dubbel glas plaatsen – 450 kg

Met dank aan de vorige bewoners van ons kot.

Een zonnepaneel installeren – 370 kg

Geef mij geld op overschot en ik installeer er één, of meer.

Regelmatig ijs uit de koelkast verwijderen – 90 kg

Gebeurt.

De wasdroger wegdoen – 650 kg

Nee. Geen discussie over mogelijk, neen is neen. In de winter heb ik dat nodig. Ik ga echt niet mijn hele huis gaan volzetten met droogrekjes. Ik was zo’n 8  keer per week, dat zijn zes tot acht droogrekjes. Dat wil zeggen dat ik elke dag moet kijken naar drogend wasgoed. En ik vind het behoorlijk vervelend om te moeten kijken op drogend ondergoed en zo. In de zomer: geen probleem. Dan ga ik met plezier mijn was uithangen om dan mijn neus tussen het fris gewassen goed te stoppen en te dromen van heerlijke lavendelvelden terwijl achter mij een hoop wuivend gras groeit. Ik gebruik wel Ecover om te wassen, dat spul schijnt biologisch afbreekbaar te zijn.

De boiler vervangen door een energiezuinig exemplaar – 135 kg

Moet dit jaar of volgend jaar gebeuren, zal dus ook wel een pak schelen.

Verder zijn wij in maart 2010 zo ongeveer uit de pampers, wat ook weeral scheelt, gebruiken wij geen elektrisch deken of elektrische vuurtjes, en zou ik o zo graag zeggen dat wij geen kerstboom zetten om zo minder elektriciteit te verbruiken. Maar dat argument gaat hier niet op, vrees ik. De man des huizes is van plan het ding volgende week te ‘zetten’. Horror!

En u? Wat doet u zoal voor het milieu? En nog tips voor mij?

en dan verjaren we eens

En dan verjaart dit ding eens en vallen we compleet stil. Genoeg ideeën, genoeg inspiratie, maar weinig goesting eigenlijk om ze neer te schrijven. How comes? Omdat terwijl ik dit schrijf mijn hoofd intussen al met tien andere dingen bezig is en ik eigenlijk mezelf zou willen klonen. Drie keer als dat kan:

1. iemand voor het huishoudelijke werk (hoe goed ik ook kousen sorteer, handdoeken mooi op een stapeltje leg en proper mijn zakdoeken strijk: ik doe dit echt niet voor mijn plezier).

2. iemand voor het moederwerk, een nanny, een voltijdse babysit, iemand die zegt: “Blijf maar rustig zitten en geniet van je eten” als je voor de twintigste keer zou opstaan om een omver gegooide beker op te kuisen met een vaatdoek die er al een dag te lang ligt waardoor die doek eigenlijk al wat begint te ruiken en je handen nu dus ook en je bijgevolg geen zin meer hebt om te eten en dan maar een nog zieliger gezicht opzet. Ik kan zo nog een tijdje doordrammen hoor 🙂

3. iemand voor het betalend werk maar wel iemand die stom genoeg is om op het einde van de maand het loon aan mij af te geven, dat wel.

En dan vergeet ik nog de lief-van-kloon. Maar dat hoeft niet per sé een kloon te zijn denk ik. Eens vragen of meneer dezelfde versie zou willen. Hij kan zich al maar beter voorbereiden op een naar mijn normen bevredigend antwoord.

En wat ik dan zoal zou doen? Goh, een goeie wijn drinken met al mijn klonen, hun takenpakket bespreken, de hele boel coördineren en als alles op wieltjes loopt dan zou ik wel eens een maxidutje kunnen doen, dat hou ik nog voor mezelf, ja.

Nog een paar weken en het lengen der dagen is een feit!

En u? Waarom, voor wat, voor wie, in welke hoedanigheid zou u zich laten klonen?

Wassen blog!

Deze berg internetvullende woorden, foto’s, tijdverdrijvende meningen en al dan niet interessante bedenkingen is vier jaar oud. Mocht ik met dit adres getrouwd zijn, was dat naar ’t schijnt goed voor de status ‘was’. Ja, was. Van bijenwas en waxen en zo.

Vier jaar blog ik al, eerst daar en nu hier. Mezelf niet meegerekend is dat zowat het langste wat ik al heb volgehouden in mijn leven.

*klinkt op haarzelf en al wie voor inspiratie zorgt*

’t Is crisis, maar niet voor Sinterklaas

Sinterklaas komt namelijk met zijn BMW Mercedes(°) cabrio naar school. Dat wist ik al van hij die de Sint op school al had gezien (Awel, zo’n auto sonder dak èh*).

En dat de juf speelgoed had gekregen, omdat ze flink was geweest. Iets van een winkeltje en zo èh.

Curieuzeneuze begon te wachten tot de foto’s van dat feest op tinternet zouden verschijnen, en jawel hoor: de Sint kwam wel degelijk met zijn sportkar aan in school. En waar ik helemaal van achterover viel was dat zelfs zijn nummerplaat gepersonaliseerd scheen te zijn. Dan frons ik eerst mijn wenkbrauwen om daarna breed glimlachend achterover te leunen, fier op mijn eigen dat ik toch zo’n goede school heb gevonden** voor mijn kind.

Bon, even verder door die foto’s gaan. Frons twee: Kaatje van Ketnet was er blijkbaar ook. Met Kamiel! En dan zie en hoor ik mijn zoon gewoon lachen en roepen van plezier. Ook al zit hij op dat moment zo’n 14 kilometer verder.

Ik ben te gauw onder de indruk denk ik. Maar ik vind toch dat die zoon van mij op een ferm goeie school zit.

* Benne is overschakeld van de of é op ’t einde van zijn zinnen naar een onvervalste Avelgemse èh.

** ‘gevonden’: de school naast de grote school waar de grote man des huizes zijn tijd al dan niet nuttig kan besteden.

(°) dank u Xander!

(foto’s van hier)

Het mooie kotsende kindje

Hoeveel hoeslakens voor een tweepersoonsbed heeft u zo in huis? En zijn er dat genoeg om een kotsaanval van een blonde driejarige god aan te kunnen? Een mens moet op alles voorzien zijn de dag van vandaag, en zeker ’s nachts. Zo’n vier à vijf (misschien zes als ik even ben ingedommeld) kotssessies hebben wij hier live mogen meemaken deze nacht. Kleine blonde god lag in ’t grote bed te slapen toen hij aan zijn maagreinigingswerken begon en na twee keer een vers hoeslaken en een ongelooflijk slaapverstorende kotsgeur in de slaapkamer zijn we maar in een ander bed gaan liggen. Daar weer van ’t zelfde. De papa van het mooie kotsende kindje is dan van pure miserie in ’t kindjes bed gaan slapen, terwijl de mama opnieuw mocht beginnen met handdoeken onder en boven ’t hoeslaken te placeren, wegens al vier hoeslakens vuil en geen zin om nog een vijfde op te leggen.

’t Mooie kotsende kindje wist helemaal niets meer van zijn nachtelijke braken en zo konden wij de dag vrolijk en gezwind inzetten. En nu wacht ik intussen vrolijk verder op een klop of drie.