luchtige aarde: deel 4

Intussen is de aarde van onze ficus al voor de vierde keer verlucht en ten gronde onderzocht. Ik zou die plant eigenlijk weg moeten doen, maar ’t is een stuk jeugdsentiment, ik ken dat stuk groen al van in mijn kindertijd. En iets dat samen met jou is gegroeid (de ficus meer dan ikzelf) doe je niet zomaar weg. Begrijp de logica maar.

On the left side you see… de strijkplank vol met was. En aarde. And on the right side you can see… de schommelstoel, ook vol met aarde. En op wat je niet op de foto ziet lag trouwens ook heel wat aarde…van keuken tot living, van deuren tot zetels, van tapijt tot het kleinste blokje speelgoed, van het haar van Fries tot tussen de tenen van Benne.

msbf-025

Vic!

Zo’n drie decennia na mijn geboorte is de kleine Vic komen piepen. Nen ‘beir van ne keirel’, ongetwijfeld een prachtvent. Proficiat aan mama Lien en papa Ruben!

kuiswoede

Ja, ik heb een kuisvrouw. En dan denken sommige mensen dat ik de hele dag met mijn dik gat in de zetel zit te niksen. Tuurlijk, want wat moet een mens anders nog doen als je een kuisvrouw hebt, niet veel meer toch? Leg mij dan eens uit hoe het komt dat ik in vijf dagen tijd:
– de frigo weer heb moeten uitkuisen
– drie keer de living en keuken heb moeten dweilen, waarvan één keer schrobben
– één keer de badkamer heb moeten dweilen
– een gigantische berg strijk heb mogen doorworstelen
– de helft van mijn deuren grondig mocht kuisen
– …
En al om één van de volgende redenen:
– Fries en Benne spelen met de aarde van onze grote kamerplant. Strooien die aarde overal in het rond, in hun haar, kleren, schoenen, oren, ogen en neuzen. Vermengen die aarde met wat zever (Fries) en water (Benne) en maken zo een gigantisch spoor doorheen het hele huis. Terwijl jij op je gemak je was aan het opplooien bent en denkt: “Zo leuk dat ze toch goed overeenkomen die twee, hoor ze eens lachen…”
– Andere oorzaak: Fries slaagt erin om de frietketel (die we echt wel pas in de kast zetten als die helemaal afgekoeld is, zie dat K&G meeleest) te draaien zodat het deksel open kan, hij roert met zijn handen in het frietvet en ‘leert’ vervolgens stappen door zich vast te houden aan de keukenkasten. Ik ben terwijl de living aan het kuisen.
– Fries en Benne willen drinken uit de koelkast en besluiten dat dit niet moet gevraagd worden. Koelkast open, niet helemaal dicht, resultaat: hele plassen water.
– Oorzaak van de berg strijk: poetsvrouw Vera was er de vorige keer gewoon niet mee klaargeraakt omdat die twee koters van mij er in geslaagd zijn om uit zowat alle lichaamsopeningen heel vloeibaar gedoe te laten komen. Overgeven, diarree, loopneuzen. Drie nieuwe outfits per dag was niet overdreven.
Ja, ik ben een luie doos ik. Ik zeg het u. En ik weet nu dat het woord kuiswoede nog een andere betekenis kan hebben ook. Niets zo heerlijk om wat te kuisen/sporten en een stok van een trekker in twee breken omdat je toch zo heerlijk intens aan het kuisen bent.

Update: Voor alle duidelijkheid: mijn superVera levert ongelooflijk werk! Proper en vlug, geen horrorverhalen hier.

baby aan de drank

Enkele dagen geleden gehoord op de radio: op 10-jarige leeftijd heeft 1 op de 3 kinderen voor de eerste keer alcohol gedronken en op 11-jarige leeftijd is dat al 1 op de 2.

De echtgenoot keek me vol ongeloof aan en vroeg zich af in wat voor geschifte wereld wij eigenlijk leven. De halve onderzoeker in mezelf kon dat meteen relativeren en vroeg wanneer die echtgenoot dan wel voor de eerste keer stiekem een restje bier had uitgedronken. Als ik mezelf als case neem dan kom ik op een leeftijd van 7 jaar, toen de tafel was afgeruimd en ik stiekem op het aanrecht een glas wijn nam om even van dat restje te proeven. Dus: ik ben er zo één die die gemiddelde leeftijd naar beneden trekt.

De jongste zoon heeft ook zijn bijdrage geleverd. Hij dronk gisteren voor de eerste keer alcohol op de leeftijd van 14 maanden. Dat kan amper rechtstaan, dat kan amper een beker vasthouden, maar dat zit wel al aan de drank. Een glas martini dat even aan de aandacht was ontsnapt en drinkebroer Fries had het al in zijn handen, goot ietwat in zijn mond, goot de helft over zijn pyama en besloot de rest in het glas te laten.

Dat we er niet gerust in waren, wij. Maar dat hij goed de nacht is doorgekomen. En dat zijn gewauwel hetzelfde bleef, ongeacht zatte toestand of niet.

En als er nog eens zo’n onderzoek komt en onze kleine doet eraan mee, dat dat gemiddelde nog wel serieus zal dalen. U bent gewaarschuwd, jongeren zitten steeds vroeger aan de drank.

lopende zaken

– Fries geeft over dat het een lieve lust is. Dit combineert hij zonder problemen met een iets te vlotte doorgang naar zijn pamper, een goede snotproductie uit zijn neus en een stevige hoest op zijn tijd. Volgens de kinderarts is er niets aan de hand. Toch maar even die bloedtesten afwachten.

– Benne heeft een übercool zomervestje. Nog een chopper en het plaatje is compleet. ’t Is een opvoedkundig zwaar onverantwoord vestje. Zonder kap, zodat dat ventje bij de minste regen met een nat hoofd zal rondlopen. Maar het opvoedkundige moest deze keer echt wijken voor het esthetische. Volgend jaar beter.

– Die paashaas, die zou ook speelgoed en zo moeten komen brengen. De paashaas (of klok, zo u wil) doet dat na van Sinterklaas. De paashaas moet dus ook bij ons langskomen. En speelgoed brengen, en nog een glijbaan, en een tuinhuisje, een een zandbak, en … Wij hebben Benne verteld dat die paashaas geen heel leger zwarte pieten tot zijn beschikking heeft, maar eerder een groep kleinere konijntjes en haasjes.  En dat kleine konijntjes geen tuinhuisje kunnen dragen. Kleertjes en boekjes wel. Als ze samenwerken. Benieuwd hoe lang dit verhaaltje zal duren.

de lekkerste vis

Enkele dagen geleden waren wij weer wat lui en in een fastfood-mood. Met twee ‘chinezen’ leidt altijd tot een gigantische overschot zodat we drie dagen later nog rijst aan ’t verorberen zijn en van pitta is biebie niet zo’n fan (niet meer). Blijft over: pizza. Van één of andere exotische Italiaan, liefst met een ronkende naam zoals Pizza Antonio, pizza Napoli, pizzeria Italia, eender wat. Het werd pizza ‘Zwevehem’.
Benne mocht kiezen wat hij op zijn pizza wou. Ziehier de ingrediënten van de enige echte Pizza Benno: “Euhm, worteltjes, … en appels, …. en euhm … peren ook. Oh! En fiss!”
Vis dus, op zijn pizza. Dat klonk nog het meest aannemelijk dus zijn we hier Socratos-gewijs op verder gegaan met de vraag: “En welke vis wil Benne dan op zijn pizza?” En nog voor ik de lijst kon opsommen (scampi, mossel, tonijn, zalm, …) zegt meneer: “Ah pissafiss, hé mama”.
’t Is heerlijk leven in zo’n logische wereld.

Kerk en kerkhof

Ik ben daar niet zo voor, voor kerken en van die dingen. Te beladen, te bombastisch, te veel van moeten rechtstaan, moeten zitten, moeten wandelen. Zaterdag zat ik weer in zo’n kerk. Niet geheel tegen mijn gedacht echter. Er moest afscheid genomen worden, en dat moest verdorie een Afscheid zijn. Maar wel heel onwezenlijk en met momenten verdomd lastig. Dan komen de rillingen, het staren, de ware betekenis van woorden als ‘nooit’ en ‘weg’; dan komt het besef. Je weet dat je weer wat minder kleindochter bent, dat je weer een rang bent opgeschoven in de hiërarchie van het leven.

En dat het even verder markt is, en dat er die dag mensen getrouwd zijn, en dat er kindjes geboren zijn, en dat het ’s avonds fuif is, waar nieuwe jonge koppeltjes gemaakt worden… Dat die hele wereld gewoon blijft draaien. En maar goed ook, ’t moet niet anders zijn.

Fries spreekt Fries

Fries klinkt alleszins even onbegrijpelijk als een echte Fries. Of wat dacht u dat het volgende betekent?

“Dzjub dzjub”, terwijl hij naar een appel wijst

“Muzebuze” terwijl hij naar eender wat wijst

“Bwieb bieb”, “dubadub”, en nog andere klankraadsels. Het weze duidelijk dat onze zoon de handleiding van zijn spraakvermogen heeft gevonden en dat volop aan het uittesten is.

En ook Benne laat zich gaan. Op school leert hij over het paasfeest en alles wat errond hangt, dus ook over nieuw leven, over eieren, over de kindjes van de dieren. Dan krijg je volgende conversatie:

M: Benne, hoe noemen wij het kindje van een paard? — Benne: Euhmm, feulen!

M: Benne, hoe noemen wij het kindje van de koe? — Benne: Euhmm, kalffff!

M: Benne, hoe noemen wij het kindje van het varken? — Benne: Euhmm, baguetje?

Een broodje big, dus.

Ergens op deze wereldbol, niet zo ver van hier, ligt een vrouw. Een Dame. Een Moeder. Een Oma. Met hoofdletter, jawel. Men moest er eens aan durven twijfelen.

Een vrouw die alle clichés overstijgt, een mooie vrouw; zelfs die van Knokke-Zoute zouden er hun hand voor geven om eruit te zien zoals zij. Een prachtige blouse, sierlijke en slanke handen, verzorgde nagels. De lippen plechtig op elkaar, met een minzame en mysterieuze glimlach. Zo fragiel, maar zo indrukwekkend. Haar huid zacht bruin, alsof ze net van één van haar vroegere reizen terug is.

Het is haar laatste reis geweest, hier op deze wereldbol. Ze zal het niet meer in geuren en kleuren vertellen welke paden ze allemaal heeft bewandeld, welke mensen ze heeft leren kennen en of ze nog zou teruggaan. En al dan niet met dezelfde mensen.

’t Is voorbij. Officieel, op 14 maart 2009.