politie komen

Al twee nachten op rij wil Benne niet slapen. Hij gaat zeker niet om 8 uur ’s avonds slapen, ook niet om 9 uur, ook 10 is te vroeg… Meneer gaat over de 11 uur. Eergisteren was het twintig voor twaalf (hij wou middernacht eens meemaken, gokken wij), gisteren was het iets over elf. Hij brult de longen uit zijn lijf, ligt te stampvoeten in zijn bed, de periode van nasnikken duurt minstens even lang als de huilbui. Toen Fries nog een Friesje was en beneden lag of in onze kamer lag te slapen, lieten we hem brullen. Na gemiddeld een kwartier viel hij in slaap. Dan ging moeder nog altijd eens naar boven om dan het schuldgevoel heel intens te laten opwellen en de dag erna bang af te wachten of hij er al dan niet een trauma aan had overgehouden.

Nu kunnen we hem niet laten brullen. Fries slaapt in zijn eigen kamer (sinds een maandje) en die ligt rechtover Bennes kamer. Dus: eergisteren uitgehaald. En terug in bed gestopt, tot vier keer toe. Gisteren één keer uitgehaald, en dan terug naar boven en laten brullen. Dan nog liever Fries die wakker schiet dan dat meneer Bennemans nog eens zijn zin krijgt en naar beneden mag. Fries knorde dat het een lieve lust was. Benne brulde. En viel in slaap, na een half uur.

Zien wat het vanavond geeft.

Oh ja, als je hem naar beneden haalt, zegt dat mama heel boos is en dat hij niet flink is, dan nijpt hij zijn oogjes samen en zegt met veel poeha ‘politie komen’. Waar hij dat vandaan heeft weten we niet, maar we kregen wel de indruk dat hij het fijn zou vinden mocht de politie komen. Vandaar misschien zijn pogingen om toch maar zeker niet flink te zijn.

fotootses en luiheid

Vroeger moest men het afgedraaide fotorolletje met veel liefde en zorg uit het fototoestel halen, en het ooit, op een dag, naar de fotograaf (en later naar grotere ketens zoals B***ker en K****vat) brengen. Daarna moest men de foto’s hoogstpersoonlijk komen afhalen, om dan spannend de ritselende enveloppe open te maken en te zien welke foto’s nu weer mislukt waren en wat er nog zo allemaal op dat rolletje stond.

Nu daarentegen, kunnen we vanuit onze luie zetel de foto’s op de pc inladen, selecteren en vanuit diezelfde luie zetel naar een ‘footooseurvies’ doorsturen. En net die manier lijkt me de meest lastige. Waar ik vroeger nog de tijd had/nam om op het velootje te springen en foto’s in te leveren en af te halen, kan/wil ik nu geen tijd meer maken om foto’s op te laden, te selecteren, te uploaden om aan deze allermooiste wereld te laten zien. Schandalig gewoon. Tot Benne zes maanden was heb ik zijn fotoboek bijgehouden, vanaf dan is het een fotokast geworden. En een foto-archief op een pc die al een tijdje geen backup meer heeft gekregen. Als de zonen dus ooit om hun foto’s zullen vragen, in volgorde van tandjes, stapjes, schrijven, eerste lief, … dan hoop ik dat ik al op pensioen ben. En anders roepen ze maar in koor wat voor oerslechte moeder ze wel hebben. Ik zal het wel beamen 🙂

stand van zaken

Het is zondagavond, 21.55 uur: zoon Benne ligt boven in zijn bed te brabbelen. Meneer is nog lang niet moe, ondanks het geravot, gesleur, geval, geboenk buiten. Meneer wil niet in zijn nieuwe kamer slapen, zelfs niet als alle knuffelberen en herkenningspunten verwijderd werden naar de nieuwe kamer. Nee, geef hem maar een lege babykamer met kasten en babybed. Hoe mooi zijn nieuwe kamer ook is: slapen doet hij er niet in. Spelen des te meer.

Fries is terug vlekjesloos. Na de drie-dagencrisis (achteraf gezien: een kinderziekte genaamd ‘drie dagen koorts’ of ‘de zesde ziekte‘, ja, minstens zoveel zijn er) kreeg kleine meneer vlekjes. Nog zieliger, nog mottiger. En dan gingen die vlekjes terug weg. En Fries werd blijer, contenter, een baby met heel wat eetlust.

En mijn eerste week verlof zit erop. Zijn we uitgerust? Neen. Hebben we veel taken kunnen doen? Neen. Hebben we eigenlijk iets kunnen doen? Ja, genieten van die twee kleine koters. En dat volstaat wel.

crisis: voorlopig onder controle

Het kleine ventje Fries had vanmorgen nog altijd koorts. Gelukkig was Benne blijven overnachten bij oma en opa Izegem, zodat hij de ziekenhuistoestanden van vandaag niet moest meemaken. Als een kinderarts al met een zorgelijke blik zegt dat dat boeleke echt wel heel ziek is, dan begint dat moederhart ook al serieus alle kanten op te slaan. Van doemscenario’s wilden we niet weten, positief blijven was de boodschap. Maar dat is zo ontzettend moeilijk als dat ventje huilt zoals je hem nog nooit hebt horen huilen (zelfs broer Benne heeft nog nooit zo gehuild). En die tranen bleven maar komen. Eerst toen de kinderarts hem onderzocht. Dan toen de NKO-arts hem onderzocht en (oef! gelukkig is het dat maar!) een oorontsteking constateerde. Wij blij, Fries iets minder, die moest zijn trauma nog verwerken. Vervolgens op het programma: RX-scan van de longen en bloedafname. Eerst naar de radiologie. Ons zuchten was niets in vergelijking met wat Fries deed: zuchten, kreunen, murmelen, hangen, met de ogen knipperen, … We konden rekenen op een algehele compassie van alle ziekenhuisbezoekers. Ahja, zo’n klein ventje, wat voor ergs zou daar nu aan mankeren dat hij zo ziek was? Longfoto wees uit dat meneer met een ernstige bronchitis zit. Gelukkig! Jawel, want zo moest er geen bloed meer getrokken worden, én gelukkig waren we op tijd gekomen voor er zich een heuse longontsteking zou aandienen.

Conclusie: een heel arsenaal aan medicijnen (aërosolmiddelen, antibioticum (uit te nemen, beste mensen!), neussprays, neusdruppels, koortswerende middeltjes). De apotheker heeft zijn beste klant van deze maand al gehad, zoveel is zeker.

Conclusie 2: ’t manneke is al heel wat beter. Koorts is gezakt, het zuchten en kreunen gaat nog even door (drama-king als hij is), moeders hart slaat terug normaal, de pijn (van Fries en bij mama) is weg.

Conclusie 3: Waren we vandaag niet langsgeweest, dan hadden we morgen een telefoontje kunnen verwachten van de kinderarts zelf. Als kindjes langskomen op de spoed, volgen ze dat in Waregem blijkbaar op. En dat is echt wel fantastisch! En maar goed dat dokters daarvoor gestudeerd hebben en dat we weten dat ze het doen om kindjes beter te maken, want had er iemand anders zo dat ventje laten wenen hij had een serieuze djoef kunnen krijgen van beide ouders.

Enfin: de congé van moeder Mieke is alvast intens ingezet.

crisis

Zondag 20 juli:

Zeer fijne BBQ bij meer dan zwangere Elz en haar rijbewijsloze vent Ben. Fries heeft warm, thermometer geeft 39.9° C aan. Crisis. In allerijl richting spoed naar Waregem. Bang om uitgelachen te worden (“Maar madammeke, als elk kind met een beetje koorts hier zou moeten komen dan was dit geen ziekenhuis meer”, en nog zo van dit uitspraken). Gelukkig was dat niet het geval, een heel lieve verpleegster, een rustige dokter en een blèrende baby. Met minder koorts, dat wel. Die suppo deed zijn werk. Het zullen de tandjes wel zijn, maar Fries heeft normaal een temperatuur van 36.5°C, vier graden hoger is toch wel veel voor een paar tandjes. Tenzij het een heel gebit is. Of gewoon een virus (ja, steek het maar weer op die virussen, makkelijk, die zie je toch niet). Of gewoon koortsig. Kan ook. Hup, terug naar huis. Daar haalt hij om zes uur ’s avonds de piek van 40.3°C. Leve de Junifen!

Koorts daalt, Fries blijft zuchten, kreunen, wroeten. ’s Nachts: vier keer wakker, hard wenend. Beetje weg en weer wiegen en terug in slaap gedommeld.

Maandag 21 juli:

Baby Fries is beter, blij, rustig, heeft slechts 36.1°C. Normale temperatuur dus. Goed zo! Na twee uur: 38.7, nog een uur erna 39.3. Tot hij aan 39.7 komt. En terug zuchten, en kreunen, en zo zielig kijken dat zelfs een verwaarloosde hond het niet kan nadoen. Nu zit hij in bed, met 39.2. Afwachten wat dat geeft. Dat hartje klopt zo hard, dat buikje gaat zo snel op een neer. Dat ventje is zo ziek en mag morgen pas terug naar de dokter. Nog één nachtje afwachten.

toemetoch, en toch niet

Vierdaagse Leuven, congres. ’s Avonds terug naar huis stappen en daar zie ik aan het station twee van die jonge idealisten staan (helemaal niets op tegen, integendeel) met een T-shirt en reglementair badgeke van Child Focus. Van een halve kilometer ver hadden ze me wellicht al in het vizier, nog voor ik doorhad dat zij er stonden. Ik zag nog net de ene teken doen naar de andere: ‘Ik neem die wel, zo’n blond geval, ziet er beetje moe uit, zal wellicht de ‘courage’ niet hebben om neen te zeggen, die loser is voor mij! Voor mij! Voor mij!’.

Ik wou weglopen, heel erg hard en ver, want ik had er echt geen zin in. Leugentjes als ‘ik ben al lid, ik stort al elk jaar, ik moet nu echt wel echt waar mijn trein halen, ik doe niet aan goede doelen want ben een dikke egoïstische materialist, …’ kwamen weer niet in me op. En zo komt het dat ik me weer liet verschalken door een bruine krullenkop die op mijn emoties speelde en dus nu met een maandelijkse storting aan mijn been zit. Jammer voor ‘Kom op tegen Kanker‘ dit jaar, ze zullen moeten wijken voor Child Focus en het moeten doen met een plantje dat we kopen. (Note to myself: Onthou dat dan ook voor de volgende keer dat gelijk wie aan uw deur staat te rammelen met één of andere pot, envelop, schaal, overschrijving, …)

Hopelijk hebben we Child Focus nooit vanzeleven nodig. En dat heb ik hen dan ook gezegd. En dat ze maar eens wat ‘beter’ hun werk doen, en niet alleen verdwenen maar ook misbruikte kinderen opsporen. Ze hebben de/mijn (bescheiden) middelen alleszins al.

’t Is graag gegeven, daar niet van, maar ben ik de enige die zich zo laat vangen door straat’verkopers’? Krijgen die gasten tijdens hun opleiding een soort profiel van gemakkelijke slachtoffers? Moet ik mijn haar bruin kleuren en een deux-pièce dragen, druk gsm’end?

overbodig

Fries heeft zijn mama niet meer nodig. Althans toch niet meer wat voeding betreft. Na vier en een halve maand Fries-en-mama-tijd, na een warrige introductie van groentepap, dan fruitpap, dan weer groentepap en nu allebei de papjes, hebben we besloten dat het welletjes is geweest met de borstvoeding. Het doet wat met een mens, afscheid nemen van die periode. Dus ik loop een beetje stilletjes, met het besef dat mijn jongste ook al weer niet meer zo klein is. Snif.

vergeet het maar!

Kijk, wij zijn natuurlijk heel blij dat onze bloggende fotografen opnieuw zwanger zijn. Van een derde kindje ditmaal. Altijd leuk en goed nieuws en hopelijk verloopt de zwangerschap goed en de geboorte iets minder vlot (lees: snel) dan de vorige. Maar waar we minder blij mee zijn is het volgende: wij lopen zogezegd een jaar achter. Het eerste kindje van Nyklyn kwam in juni 2005 ter wereld, ons eerste product volgde een jaar en twee weken later, in juli 2006. Hun tweede kwam piepen halfweg januari 2007, wij deden hen na en een goed jaar en twee weken later kwam onze nummer twee op de wereld.

Om even te zeggen: wij doen niet meer mee. Vergeet het dat ik vanaf maart/april volgend jaar alweer zwanger zou zijn, enkel en alleen maar om de traditie. Tradities zijn er om overboord te gooien, nah!

Laat de anderen maar genieten van hun zwangerschap, ik (wij) heb(ben) er (meer dan even?) genoeg van.

traLaLaLaLa

Als Benne:

  • niet bezig is met zichzelf half hysterisch over de grond te rollen om een reden die hij zelf niet meer weet
  • niet probeert om de broek van zijn ouders naar beneden te trekken
  • niet bezig is met zichzelf zielig te vinden
  • niet vol overtuiging en dan ook volstrekt zonder reden ‘neen’ zegt tegen eender wat
  • niet bezig is met ongelooflijk nijdig te huilen omdat hij nu toch wel heel vroeg (jawel, om 20u) in zijn bed moet
  • niet bezig is met weer niet te weten wat hij nu precies wil

dan:

  • neemt hij een ovenwant, stopt zijn hand erin, komt als een echte heer goeiedag zeggen met het woorjde ‘aangenaam’
  • spreekt hij de ‘l’ uit, hij zegt hallo en niet hajo, en dat vinden wij nu eens weer een hele prestatie
  • loopt hij trots met de inhoud van zijn potje richting toilet om daar met veel show afscheid te nemen wat zijn hoogsteigen geproduceerde keuteltjes
  • neemt hij de hand van mama of papa vast en troont ze met veel overtuiging mee naar de living, alwaar hij als een echte generaal de woorden ‘visie kijken’ uitspreekt
  • er moet veel gekeken worden: ‘ploppe kijken’, ‘pipiaat kijken’, ‘samson kijken’, …
  • Baloe de beer is zijn held. Hij krijgt er niet genoeg van. Nogal een geluk dat mama in haar tienerjaren ook zo’n fan is geworden van het JungleBook en daar nu dus nog een hele vracht aan materiaal van heelft liggen.

Hoeveel keer per dag we ook “Ik zal je…” roepen en daarbij het puntje van onze tong bijna afbijten, toch is de balans op het einde van de dag positief. En hebben we meer met hem gelachen dan dat we onze tong hebben afgebeten. Peuterpuberteit, het is wat…

een ‘overpeinzing’

Wat een gelukzakken zijn wij, en bij uitbreiding Fries en Benne, toch dat ze hier geboren zijn. En niet ergens in China, of in Myanmar, of in Darfoer. Wat een gelukzakken zijn we dat we, net omdat we niets anders te doen hebben, ons druk kunnen maken om futiliteiten zoals zo goed wordt gedemonstreerd in het hedendaagse politieke gekrakeel. En dat we dat kneuterig gedrag dan ook (veel te) vaak en met verve tentoonspreiden. Wat een gelukzakken zijn die twee kleine mannekes toch dat ze hier nog nooit een kelder hebben mogen instappen, laat staan van moeten, dat ze het nog aandurven om te huilen als ze honger hebben omdat ze zeker zijn dat er gehoor wordt aan gegeven, dat ze knuffels krijgen, dat ze gewassen worden, dat er tegen gefluisterd wordt en niet geschreeuwd, dat ze ten hoogste eens een diepe zucht veroorzaken als ze zich weer eens net op het randje gedragen. Maar wat een gelukzakken zijn het toch dat ze zo zorgeloos kunnen zijn temidden van de vele zorgen van anderen. En dat ze hopelijk zo zorgeloos mogen blijven. Laat u dat toe, liefste wereld?

Kind en Gezin doet heel goed werk, vandaag nog maar eens mogen langsgaan en een spreekwoordelijke snoep ontvangen voor het goed opkweken van de kleinste. Maar hoe kan het dat er nog altijd kinderen én ouders door de mazen van het net glippen? Van mijn part mogen de controles onaangekondigd thuis uitgevoerd worden, en minstens elke maand, en de buren ondervragen, en de grootouders ondervragen, en op school meer psychologen die kinderen regelmatig polsen of alles goed gaat…

Kind en Gezin mag Big Brother zijn, niets op tegen. Helemaal niets. Echt niet.